De vergroening van Nederlandse tuinen met een bewust geteeld assortiment

Als branche hebben we de ambitie om ‘Een Veluwe erbij’ te realiseren in de particuliere tuinen. Dat is belangrijk omdat groen bijdraagt aan het welzijn van mens en dier. Groene tuinen zijn koeler, zorgen voor wateropvang en versterken de biodiversiteit. Het vergroenen van 5,5 miljoen tuinen met gemiddeld 10m2 staat gelijk aan de oppervlakte van Nationaal Park de Hoge Veluwe.

Belangrijk hierbij is dat het groen dat wordt aangeboden zo verantwoord mogelijk wordt geteeld. Wat verantwoord is? Daarover bestaat vaak nog onduidelijkheid.

Verantwoord geteeld groen hoeft niet per definitie biologisch te zijn

In het publieke debat wordt de verduurzaming van het groenaanbod vaak versimpeld tot óf volledig biologisch, óf niet duurzaam. Maar wie naar de realiteit van de sierteelt kijkt, ziet een veel genuanceerder beeld.

Biologische teelt heeft een inspirerende voortrekkersrol en levert kennis op die wordt gebruikt om stappen te maken binnen gangbare teelten. Die stappen hebben een grote impact op de verduurzaming van het aanbod. Ook als het eindproduct niet biologisch is.

De ambitie: 70% chemievrij geteelde planten in 2030

Omschakeling naar volledig biologische teelt vraagt tijd en is complex, kostbaar en risicovol. Het vraagt om andere meststoffen, andere teeltsystemen en een andere bedrijfsvoering. Voor veel kwekers is dat een stap die niet van de ene op de andere dag gezet kan worden. Wat hierbij belemmerend werkt is dat de risico's die gepaard gaan met een dergelijke omschakeling met name bij de kweker liggen.

Daarom werkt de tuinbranche binnen de Ambitie Gewasbescherming in de sierteelt toe naar een haalbaarder doel van 70% chemievrij geteeld aanbod van planten in 2030. Dat is al een forse opgave, zeker gezien de schaal en diversiteit van de sierteeltsector. Tegelijkertijd werken we aan vergroten van het aanbod biologische planten.

Het belang van geïntegreerde en preventieve teeltstrategieën

Wat veel mensen niet weten, is dat 85% van de kwekers al werkt met biologische gewasbeschermingsmiddelen en natuurlijke vijanden om schadelijke insecten te bestrijden, als onderdeel van geïntegreerde plaagbestrijding. Synthetische middelen worden daarbij alleen ingezet wanneer de biologische aanpak onvoldoende effect heeft. Deze werkwijze leidt structureel tot een verminderd gebruik van traditionele middelen. Dat is niet alleen verankerd in certificeringen zoals MPS en Global G.A.P., maar wordt ook bevestigd door jaarlijkse residumetingen. Het resultaat: minder emissies naar bodem, water en lucht en een lagere belasting van de biodiversiteit.

Voor tuincentra ligt hier een duidelijke rol. Door bewuste teeltstrategieën op te nemen in het inkoopbeleid en het gesprek in de keten aan te gaan - ook met kwekers - wordt deze aanpak verder versterkt. Door dit verhaal actief te delen met klanten, wordt bovendien zichtbaar welke stappen er al worden gezet richting een duurzamer groenaanbod.

Conclusie: verduurzaming is geen zwart-witverhaal

De verduurzaming van het groenaanbod is geen kwestie van óf volledig biologisch óf niet duurzaam. Het is een én‑én‑verhaal: ruimte voor koplopers die volledig omschakelen én brede vooruitgang in de grootste teeltvolumes.

Juist die brede, stapsgewijze verbeteringen leveren de grootste milieuwinst op. Daarom zetten we in op 70% chemievrij aanbod in 2030, met het vergroten van het aanbod biologisch gekweekte planten als belangrijk onderdeel van deze ontwikkeling.

Dit artikel is gepubliceerd in editie 6 2026 van het vakblad TuinZaken.

Delen
maandag, 27 juli 2026
Delen